•• ••

contact

Natuurinclusief wonen op 5 manieren

Duurzaam wonen is meer dan energie besparen en het opwekken van groene stroom. Door het nemen van enkele eenvoudige maatregelen kun je ook een leefomgeving bieden aan allerlei diersoorten en een positieve bijdrage leveren aan de natuur in jouw buurt. Dit zijn 5 manieren om dat te doen:

1. Verbouwen of (na-)isoleren? Houd rekening met nesten

Het isoleren van de spouwmuur is één van de beste energiebesparende maatregelen die je kunt nemen. Het aanbrengen van (na-)isolatie in de spouw kan er echter voor zorgen dat nesten van vogels als gierzwaluwen, spreeuwen en huismussen onbereikbaar worden. Controleer dus altijd over vogels nestelen in de gevel voordat je isolatie aan gaat brengen. Als dit zo is, wacht dan tot jongen zijn uitgevlogen. Het is bij wet verboden om nesten, holen of verblijfplaatsen van dieren te beschadigen. Als nesten van huismussen of gierzwaluwen worden verstoord of vernield moet je dit verlies meermaals compenseren. Dit zijn namelijk beschermde soorten. Er moet ook altijd een ontheffing worden aangevraagd. Lees meer.  

In kieren en nissen kunnen vleermuizen zitten. Als je gaat verbouwen of verduurzamen kan het zijn dat hun leefomgeving wordt verstoord. Voorkom dit zo veel mogelijk en houd hier in je plannen rekening mee. Lees meer.

 

2. Bied beschutting voor dieren

Door verblijf-, rust- en verstopplaatsen voor dieren in en om het huis te plaatsen krijgen meer dieren een veilige plek. Hang bijvoorbeeld nestkastjes voor vogels aan de gevel. Dit kun je het beste doen aan de oost- of noordgevel, zo hoog mogelijk, maar niet boven ramen. Je kunt ook vogel- of vleermuiskasten ín laten bouwen als je verbouwt of wanneer een stuk aan je huis laat bouwen. Vleermuiskasten kunnen ook aan de zonkant van de woning worden geplaats. Je kunt ook een egelhuisje in je tuin zetten (zorg dan ook voor een egelsnelweg, zodat de dieren je tuin in en uit kunnen komen). Ook het laten liggen van plantenresten en/of het maken van een takkenmuur geeft beschutting aan kleine dieren. Het is daarnaast goed voor het bodemleven en beschermt je tuin tegen slagregen en droogte.

Zo maak je een egelhuis

Egelhuis kopen

Vogelnestkast kopen

Vleermuizenkast kopen

 

3. Vergroen je huis

Het vergroenen van je huis zorgt ook voor beschutting en voedsel voor dieren. Laat bijvoorbeeld de gevel of schutting begroeien. Veel mensen denken dat klimplanten de gevel beschadigen, maar dat is in de meeste gevallen niet zo. Bij nieuwere huizen en een goede plantkeuze hoeft het laten begroeien van de gevel geen enkel probleem te zijn. Zorg wel dat dakgoten en kozijnen vrij blijven. Door een groen dak aan te leggen komen er daarnaast meer insecten en hierdoor ook vogels op het dak af. Vooral als je kiest voor een biodiversiteitsdak. Er zijn ook andere creatieve manieren om verharde (verticale) vlakken te vergroenen zoals het plaatsen van hangsystemen voor planten. Ook balkons kun je makkelijk vergroenen door hangende plantenbakken en verticale systemen te gebruiken. Kies voor bloeiende planten om meer insecten aan te trekken (zie tip 5).

 

4. Maak een waterelement

Een andere manier om te zorgen voor meer biodiversiteit is het aanbrengen van een waterelement in je tuin. Op water komen veel dieren af zoals libellen, kikkers en vogels. Zorg er bij diepere elementen voor dat kikkers en andere dieren er makkelijk uit kunnen komen door een flauwe helling of een trapje toe te voegen. Houd er wel rekening mee dat muggen stilstaand water gebruiken om hun eitjes in te leggen. Gierzwaluwen en vleermuizen vangen muggen, dus als je deze dieren aantrekt zul je hier minder last van hebben. Een volwassen gierzwaluw eet op een dag wel 1.000 muggen!

 

5. Plant diverse (bloeiende) planten

Veel bijen- en vlindersoorten hebben het zwaar. Het aanplanten van bloeiende (inheemse & biologische) planten ondersteunt hen en andere soorten. Zorg ervoor dat er planten met een verschillende bloeitijd in je tuin staan, zodat het hele jaar door insecten worden ondersteund. Je kunt ook specifieke bijensoorten ‘adopteren’ door bloemen te zaaien die specifiek voor deze soort geschikt zijn. Wist je dat er 358 bijensoorten zijn in Nederland? Om het jezelf makkelijker te maken kun je ook kiezen voor een bloemenmengsel dat goed is voor bijen- en vlinders. Dit is naast een makkelijke ook een goedkope manier om een bijdrage te leveren én het resultaat is vaak erg mooi. Voortbouwend op tip 2 kun je natuurlijk ook bijen- en insectenhotels plaatsen. Deze zijn vaak makkelijk en leuk om zelf - met kinderen - te maken.

Naar het overzicht